Van 12 tot en met 14 juni worden de Europese kampioenschappen parawielrennen gehouden. De Nederlandse renners komen in actie op zowel de tijdrit als de wegrace. De wedstrijden vinden plaats in het Italiaanse Maniago.
Het is alweer drie jaar geleden dat het laatste Europese Kampioenschap voor Parawielrenners plaatsvond in Rotterdam, maar van 12 tot en met 14 juni wordt in Italië weer gestreden om de Europese kampioenstruien.
Gaststeden Maniago en Montereale Valcellina staan bekend als wielerminnend en schotelen glooiende maar niet te lastige parcoursen voor aan de renners. Hoewel het WK in de VS het hoofddoel is dit jaar, wil TeamNL opnieuw een nadrukkelijk zijn stempel op de Europese titelstrijd drukken.
Bondscoach Jenning Huizenga en zijn renners zijn klaar voor een mooie prestatie op Italiaanse bodem. "De kampioenen van Rotterdam hebben drie jaar in hun trui mogen rijden maar nu is het tijd om opnieuw te strijden voor de Europese titels."
"Na de Paralympische Spelen van 2024 hebben veel sporters van TeamNL vorig jaar wat gas teruggenomen om zich tijdelijk op andere zaken zoals de studie te richten, maar nu is iedereen gefocust en erop gebrand te presteren."
"Richting LA 2028 vallen hier nog geen punten te verdienen en het WK is zeker het grote doel van dit jaar, maar een EK is een mooi evenement in de opbouwfase richting het wereldkampioenschap. Er staan truien op het spel en het is mooi om als groep voor goud te gaan en samen zo'n toernooi te beleven."
Het parawielrennen, of para cycling, kent verschillende onderdelen:
– Normale fietsen met enkele kleine aanpassingen (C1 t/m C5)
- Driewielers (T1 en T2)
– Tandems, voor visueel beperkten (B)
– Handbikes (H1 t/m H5)
De afkortingen staan voor de Engelse benamingen: C (cycle), T (tricycle), B (blind) en H (handbike).
Elke groep wordt onderverdeeld in verschillende categorieën, afhankelijk van de ernst van de beperking. Zowel voor de mannen (M) als de vrouwen (W) zijn er vijf categorieën voor fietsers, vijf voor handbikers, twee voor driewielers en één voor tandems. Hoe lager het cijfer, hoe groter het functieverlies.
In totaal wordt er dus in 26 onderdelen om de prijzen gereden: 13 bij de vrouwen en 13 bij de mannen.